Schepping met een gemis. Genesis 2

Deze dag vieren we biddag.  We staan stil bij alles wat we nodig hebben van de God die deze wereld heeft geschapen en onderhoudt. Nu wil ik wat meer stilstaan bij de manier waarop in de bijbel over de schepping wordt gesproken en dat door de focus eigenlijk te leggen bij Genesis 2. Want Genesis 2 is heel anders van karakter dan het overbekende scheppingsverhaal in genesis 1. Wetenschappers stellen dat er eigenlijk twee scheppingsverhalen in de bijbel staan, waar op heel verschillende manieren over de schepping wordt gesproken. Het eerste scheppingsverhaal is erg harmonisch. In zeven dagen wordt de kosmos geschapen. Het land, de zee, alles wat er in is. En na elke dag zegt God: en zie het was goed.

In Genesis 2 is de sfeer heel anders. En als u dat zelf wilt ontdekken, zou u eens moeten tellen hoe vaak het woordje niet wordt gebruikt. Er wordt gezegd dat het nog niet had geregend en er is een verbod, je mag niet van de boom eten. En als duidelijkste voorbeeld van de eigenzinnigheid van de schrijver van Genesis. 2: Het is niet goed dat de mens alleen is. We moeten dat even op ons in laten werken, God heeft alles geschapen, de aarde, de dieren, de mens, maar dan houdt hij als het ware op, beschouwt zijn werk en zegt dan: Het is niet goed. Het is een schepping met een gemis.

Als we dan proberen in te vullen wat dat gemis precies is, dan kunnen we beginnen met het gemis naar de wereld. De mens wordt door God in deze wereld gezet om die te bewerken. Dat is waar we met biddag aan mogen denken. Het bebouwen en bewerken van deze wereld is een opdracht van God en iets waarin je voldoening mag vinden. Een mens is niet als een boom geplant, maar mag iets met de wereld doen. Voor sommigen is dat heel letterlijk zo. Als je werkt op het land of in de kas. Of als je leert voor een technisch beroep. Zo mogen wij ook op biddag over ons werk denken, onze studie, onze roeping in het leven. God geeft je de opdracht en de mogelijkheden om iets aan de wereld toe te voegen. Om namen te geven en creatief te zijn.

Maar al gauw komt de mens erachter dat dat hem geen voldoening geeft. En God zegt het is niet goed dat mens alleen is. En het eerste dat hij dan doet is de dieren naar de mens brengen. En aan de mens in dan de taak om de dieren een naam te geven. Maar daarin blijft de mens een gemis voelen. Zijn hart blijft onrustig en dan maakt God de vrouw. Als een helper. Door sommigen is dat opgevat als hulpje, maar dat is het juist niet. Dan had hij aan de getemde dieren genoeg gehad. Nee het gaat erom dat hij iemand heeft die tegenover hem staat en van zijn eenzaamheid verlost. Een helper, een uitredder. En dat is de vrouw, dat is de andere mens. Ook daar mogen we bij biddag aan denken. Ik mijn gebed om werk en om groei, ben  ik daarin ook betrokken op mijn naasten, mijn medemensen. Is het een gebed om materiële groei en welvaart, of ook een gebed om te groeien in gemeenschap en naastenliefde.

Dat is heel in het kort dat tweede gemis in een mens. En sommigen zullen dat heel letterlijk zo ervaren. Er alleen voor te staan omdat die ene er niet meer is. Of er alleen voor te staan omdat je altijd alleen gebleven bent. Als mens kom je pas tot je recht als je er bent voor de mensen om je heen. Nou eigenlijk komen alle mogelijke relaties wel aan de orde in het boek genesis. En dan eindigt dit verhaal eigenlijk in hoofdstuk 4, waar staat dat de mens begon de naam van de Heer aan te roepen. Uiteindelijk vond de mens ook in de relatie tot de ander niet zijn bestemming en begon hij God te zoeken en aan te roepen.

Dat is de het moment waarop biddag zijn volle betekenis krijgt. We redden het niet alleen met deze wereld, we redden het ook niet met elkaar, maar wilt u God erbij komen en het werk van onze handen zegenen, want ons hart blijft onrustig totdat het rust vindt in u.

Zo bekeken worden de grootste vanzelfsprekendheden tot vraagtekens. Het is niet zo dat de schepping perfect af is en dat de mens daar als heerser in wordt gezet. Nee het is een waagstuk van een schepping die niet voltooid is en waar de mens onrustig zoekend is. Het is niet zoals in de mooie schilderijen van de Renaissance — dat de schepping een lusthof is, waarin de mens als kroon op de schepping verschijnt. Het is eerder een schepping die een gemis met zich meedraagt, en de mens strekt de handen uit naar boven, of God hem wil helpen. Ik moest denken aan het beroemde beeldhouwwerk van Zadkine in Rotterdam. Een mens met een leegte op de plek van het hart, die de armen naar de hemel opheft.
Ik moest ook denken aan Paulus. ”De ganse schepping wacht met reikhalzend verlangen.” De schepping is ten prooi aan zinloosheid. En wat is bidden dan, vanuit deze zinloosheid? Paulus zegt: “wij weten niet wat we in ons gebed tegen God moeten zeggen, maar de Geest zelf pleit voor ons met woordloze zuchten.” Dat is dus biddag. Dat we de leegte in ons leven gaan verstaan als een plek waar de geest wil komen en wil zuchten en bidden tot God, wanneer we zelf geen woorden meer hebben.

Kunnen we zelf ook zo bidden? Niet als een verlanglijstje van dingen die wij graag zouden willen hebben, niet vanuit de gedachte dat wij weten wat we nodig hebben, en of God ons dat maar wil geven? Bidden is, wachten tot de geest ons nieuwe woorden geeft, zodat ook ons gebed zelf al een gave van God is.

En waar kijkt de schepping dan reikhalzend naar uit? De openbaarwording van de zonen Gods. Als we deze tekst als het ware over Genesis 2 heen leggen krijgen deze woorden een onvoorstelbare diepte. Die eerste zoon van God — Adam — moet openbaar worden als de Zoon van God — Jezus Christus. Het gemis, de leegte is de ruimte waarin de Geest wil komen en van de mensenkinderen zonen Gods maakt. De leegte is het begin van waaruit Adam — ik als mensenkind — minder moet worden en Christus — de zoon van God gestalte krijgt. Zo worden wij verlost en zo wordt de schepping volmaakt.
Leer ons zo te bidden. Nu en alle dagen van ons leven. Amen.

ontwikkeld door Accent Interactive