Eén ding ontbreekt u…

En Jezus, hem aanziende, beminde hem, en zeide tot hem: Een ding ontbreekt u; ga heen, verkoop alles, wat gij hebt, en geef het den armen, en gij zult een schat hebben in den hemel; en kom herwaarts, neem het kruis op, en volg Mij.
Marcus 10:21

Op deze zondag schenken we extra aandacht aan het werelddiaconaat. Vanouds denken we bij diaconaat aan de zorg voor de armen. En bij werelddiaconaat aan de armen in de derde wereld. Diaconie betekent dienst. Het is gaan in het spoor van Jezus die de minste wilde zijn van alle mensen en een ieders dienaar werd. Dat is het koninkrijk van God. En Jezus heeft verteld dat het de kinderen zijn  die daar toegang toe hebben en de kinderen mogen tot Jezus komen.

De man in dit verhaal komt niet tot Jezus als een kind. Hij komt niet tot zijn vader, maar tot een meester, een goede meester nog wel. Jezus spreekt hem daar ook meteen op aan. Ben ik goed, ben jij goed? Niemand is goed! Alleen God is goed. Kom niet naar mij voor een vergelijking goed – beter – best. Kom niet voor een scherpzinnig debat, maar kom als jezelf, kom als een kind.

Van jongs af aan gelovig, maar toch nog een diepe onzekerheid. Toch was er nog iets dat hem geen voldoening gaf. Dat maakt hem heel herkenbaar, die man. Iemand hij afhaakt omdat hij het gevoel heeft dat het geloof iets van hem eist wat hij niet kan volbrengen. Dat het volle leven toch niet te vinden is in het geloof, maar elders. De enige die in het Nieuwe Testament wordt genodigd door Jezus, maar die afhaakt. Wat dat was? Hij was in meerdere opzichten een rijk mens. Hij had de wet van Mozes lief gekregen. Hij onderhield die ook. Hij deed ook wat hem geboden was, de randen van het veld niet afmaaien, gul zijn voor de armen, als iemand schulden had hem niet afknijpen of vernederen etc.  Maar terwijl hij al deze geboden hield, was de diepste zin ervan hem ontschoten. De diepste zin ervan is dat je rijkdom niet het belangrijkste is, maar je verantwoordelijkheid voor de weduwen, wezen en vreemdelingen en je liefde voor God. Hoewel deze Israëliet wist dat hij de geboden hield om vrij te zijn van de slavernij, was hij ongemerkt opnieuw in slavernij geraakt. Bevrijd en toch gevangen, gelovig, maar toch verloren.

Het grote probleem in dit verhaal is dan ook niet de armoede, maar de rijkdom. De discipelen zijn  niet verontwaardigd over dat de armen hun deel nu niet krijgen door de weigering van deze man. Ze raken in paniek als ze merken  dat als dat waar is —  als je bereid moet zijn om alles af te staan aan de armen, er dan waarschijnlijk niemand behouden wordt. En Jezus’ zorg gaat hier ook niet uit naar het armoedeprobleem, maar naar deze rijke man; hij heeft hem lief! Jezus houdt van rijke mensen, net zoveel als van arme mensen. Rijkdom of armoede verandert daar niets aan, het gaat erom wat je ermee doet. En wat voor mens jij in jouw situatie bent.

Discussies over de oorzaken van armoede en de zin van ontwikkelingshulp en dergelijke hebben ook vaak die functie. Ze draaien eigenlijk om de hete brij heen en dat is niet de armoede van anderen maar de verkramptheid van de rijken. Ik zou wel wat meer willen geven, als ik maar zeker wist dat het ook goed terecht kwam. Ik zou wel wat voor de armen willen doen, maar zijn ze daar nu echt mee geholpen. Dus houden we het geld met een goed excuus in onze eigen zak. In de praktijk komen ze erachter dat zij niet in het bezit zijn van rijkdom, maar dat er rijkdom hen in hun bezit heeft.
Mensen klampen zich vast aan alles wat hun bestaan zekerheid verleend. Jezus wijst een andere weg. Laat het los. Accepteer je armoede, God alleen is rijk. Accepteer dat je niet goed bent uit eigen kracht, maar alleen God is goed. En hij wil ons allen schenken. De vraag is niet of wij kunnen geven, de vraag is of wij kunnen loslaten.

Vorige week werd bekendgemaakt dat de Nobelprijs voor de vrede naar de Europese Unie. Ik vond dat merkwaardig. De Europese Unie is nu bij uitstek een organisatie die de weg naar de vrede zoekt in het vergroten van de welvaart. En hoezeer is nu juist in de afgelopen jaren niet gebleken, na de bankencrisis, de huizencrisis en diverse economische zeepbellen  die uit elkaar zijn gespat, hoe onbetrouwbaar en misleidend die welvaart kan zijn. Eigenlijk heel cynisch. Mensen voeren geen oorlog zolang er wat te halen valt. Dat is geen vrede, dat is een afwezigheid van oorlog. In de bijbel is vrede een praktijk, het is shalom het is werk maken van je relatie met de ander in het bijzonder de wees, de weduwe, de arme en de verdrukte.

Overigens teken ik daar wel meteen bij aan dat juist voor de oudere generatie die betekenis van Europa er ook is. We leven al bijna 70 jaar in vrede. Goddank, maar Europa is voor velen ook een abstract iets. Goed voor de handel, maar het is niet de waardegemeenschap die het had kunnen zijn.

En die strijd om gerechtigheid en vrede hoort er in het verhaal van Marcus wel bij.  Het verhaal over Jezus en de rijke jongeling is geschreven in een tijd waarin de gemeente gebukt ging onder vervolging en verdrukking. Dat horen we hier terug, wanneer Jezus zegt dat wie de hem navolgt en alles opgeeft vele broeders en zusters zullen ontvangen. Ik was laatst met de ZWO commissie op bezoek bij een koptische kerk in Utrecht. Een gemeente van mensen die altijd in Egypte als tweederangsburgers zijn behandeld, omdat de Islamitische meerderheid hen discrimineert. Maar het viel mij op dat voor jong en oud daar hun christen zijn, belangrijk voor hen was, het was deel van hun identiteit. Een ook scholieren en studenten kwamen trouw naar de kerk en ze wisten elkaar te vinden. Koptische christenen hebben geleerd, dat als je niet veel materiële zekerheden hebt, je kracht vind in je broeders en zusters. En dat je ondanks tegenslag en discriminatie toch rijk kunt zijn.

Voor ons is dat vaak precies omgekeerd, we hebben goed geïnvesteerd in onze aardse belangen en zekerheden en de broederschap in Christus, daar kunnen we ons maar weinig bij voorstellen.  Hoe gaan we daar mee om, wat doen we daar aan? We moeten onszelf eerlijk onderzoeken. Jezus zegt tegen deze man:  ”Eén ding ontbreekt u.” Er is voor ieder mens maar een ding waar echt zijn hart naar uitgaat. De vraag van Jezus zoekt naar die gevoelige snaar. Het is geen wedstrijdje wie het meeste over heeft voor het goede doel, het hoeft ook niet om geld of goed te gaan. Maar kun je opgeven waar je hart naar uitgaat, ook al weet je dat het niet het belangrijkste is.
Luther zegt het zo: “Elk mens heeft een God of een afgod.” Kun je het loslaten, kun je alles loslaten en vallen, wetend dat je terecht zult komen in Gods hand. We willen niet loslaten omdat we vrezen dat er onder ons dan niets meer is. Maar zo gaat een rijke naar de hemel, en een kameel door het oog van de naald, het is zoals die grote kampioen van het loslaten – Franciscus van Assisi het zei:
Want het is toch door te geven, dat men ontvangt
door te verliezen, dat men vindt
door te vergeven, dat men vergiffenis ervaart
door te sterven, dat men verrijst tot het eeuwige leven. Amen.

 

 

ontwikkeld door Accent Interactive